2002
Ouderling D. Rex Gerratt van de Zeventig
November 2002


Ouderling D. Rex Gerratt
van de Zeventig

Ouderling D. Rex Gerratt is op 5 oktober 2002 gesteund als lid van het Tweede Quorum der Zeventig. ‘Ik heb nog nooit een roeping gekregen waarvan ik meende dat ik die aankon, maar ik weet dat de Heer hen die Hij roept, voorbereidt en helpt’, zegt ouderling Gerratt, boer en melkveehouder uit Idaho, met vriendelijke stem. ‘Ik heb altijd elke roeping aanvaard, maar heb mijn hemelse Vader gesmeekt me te helpen om een doeltreffende dienstknecht van Hem te zijn.’

Ouderling Gerratt is op 9 april 1936 geboren in Heyburn (Idaho) in het gezin van Donald Wayne Gerratt en Ann Bailey Gerratt. Hij is opgegroeid in het nabijgelegen Burley, waar hij samen met zijn vader en broer een boerderij had. Hij is in 1955 in de Idaho Falls-tempel in het huwelijk getreden met zijn jeugdvriendin, Marjorie Crane. Zij hebben negen kinderen en 35 kleinkinderen.

‘Ik herinner me dat onze kinderen en ik vaak ’s morgens met onze hond op de veranda achter het huis zaten, waar we laarzen aantrokken om onze dagelijkse karweitjes te doen’, herinnert ouderling Gerratt zich. ‘Uiteraard zijn mijn vrouw en ik bezorgd om onze kinderen, maar we hebben groot vertrouwen in ze omdat ze allemaal weten dat ze hard moeten werken en ze allemaal een getuigenis van het evangelie hebben.’

Hard werken in zijn beroep en in de samenleving hebben ouderling Gerratt eerbetonen opgeleverd, want hij is opgenomen in de Idaho Dairy Hall of Fame en de Southeastern Idaho Livestock Hall of Fame. Hij is ook een keer uitgeroepen tot natuurbeschermend boer van het jaar.

In de kerk is hij onder meer een van de gebiedszeventigen geweest, zendingspresident, regionaal vertegenwoordiger, ringpresident, ringadministrateur, bisschop, wijkadministrateur en huisonderwijzer. Mede door die roepingen heeft hij geleerd dankbaar en ootmoedig te zijn.

‘Als we beseffen hoeveel zegeningen we ontvangen van onze hemelse Vader, en dat we echt door zijn levende profeet geleid worden,’ zegt ouderling Gerratt, ‘moeten we erg dankbaar zijn en besluiten ons uiterste best te doen in elke taak die we in de kerk krijgen.’