Ik bereid me voor nu ik nog jong ben
vorige volgende

Participatieperiode

Ik bereid me voor nu ik nog jong ben

‘Laat dit huis worden gebouwd voor mijn naam, opdat ik mijn verordeningen daarin zal kunnen openbaren aan mijn volk’ (LV 124:40).

Tempels zijn een zegen voor jou en je familieleden. Er zijn meer dan 120 tempels in de hele wereld. Ken je de naam van de tempel die het dichtst bij jou is? Hebben jullie er thuis een foto van hangen? Is iemand uit jouw familie naar de tempel geweest om heilige verbonden te sluiten?

Het jeugdwerklied ‘Ik kijk graag naar de tempel’ (Kinderliedjes, p. 99) leert ons dat een tempel ‘een huis van God, vol liefde en zo prachtig’ is. Het leert ons ook dat een tempel de plek is ‘om de gezinnen te verzeeg’len’. Als je volgende keer dit lied zingt, luister dan goed naar de woorden: ‘Eens zal ik er ook zijn.’ Dat is een belofte die je jezelf en onze hemelse Vader doet — dat je het waardig zal zijn om zijn heilig huis binnen te gaan.

Activiteit

Haal pagina K4 uit de Liahona en plak die op stevig papier. Knip de tempel uit langs de doorgetrokken lijn, en vouw die langs de onderbroken lijn. Plak de flapjes vast aan de binnenkant van de wanden om een doosje te maken. Knip de kaartjes Mijn evangelienormen (p. K4) uit en doe ze in het tempeldoosje. Kies een evangelienorm uit het doosje, lees die en bedenk wat je kunt doen om die norm na te leven. Vertel tijdens de gezinsavond hoe je je door het naleven van deze norm kunt voorbereiden om op een dag naar de tempel te gaan.

Zet het tempeldoosje en de kaartjes Mijn evangelienormen op een speciaal plekje om je eraan te herinneren dat je goede beslissingen moet nemen. Als je een evangeliebeginsel leest en bedenkt hoe je dat gaat naleven, denk dan aan deze woorden uit ‘Ik kijk graag naar de tempel’: ‘Ik bereid mij voor, daarheen te gaan: dat houd ik in gedachten.’

Ideeën voor de participatieperiode

  1. Maak een eenvoudige tekening van een tempel. Knip de tekening in 12 rechthoeken om bouwstenen voor te stellen. Nummer de rechthoeken van 1 t/m 12. Knip een vel papier in 12 stukken, en zet op ieder stuk een actiewoord uit de twaalf Evangelienormen. (Actiewoorden: volgen, gedenken, kiezen, zijn, gebruiken, doen, eren, houden, kleden, lezen en kijken, luisteren, zoeken, leven.) Vouw de stukken papier zo dat de actiewoorden niet te zien zijn. Zorg voor voldoende exemplaren van Geloof in God. Speel het spel tempelbouw. Lees eerst LV 124:40. Zet de woorden ‘Laat dit huis worden gebouwd’ op het bord. Laat een kind een stuk papier uitzoeken en het actiewoord voorlezen. Laat de kinderen in Mijn evangelienormen het woord opzoeken. Als ze het hebben gevonden, bespreek de norm dan klassikaal. Laat het kind of de klas een manier bedenken om die norm na te leven. Laat het kind of de klas dan bouwsteen 1 opzoeken en op het bord hangen. Ga daarmee door totdat de tempel klaar is. Onderstreep dat alle evangelienormen door kinderen nageleefd kunnen worden om zich op een eeuwig gezin voor te bereiden.

  2. Laat een tas of zak zien met de Schriften daarin. Geef de kinderen enkele aanwijzingen om te raden wat er in de zak of tas zit. Als ze klaar zijn met raden, sla dan Maleachi 3:10 op en lees de woorden: ‘Breng de gehele tiende.’ Vraag de kinderen welk gebod in deze tekst beschreven wordt. Lees de tekst gezamenlijk en luister naar de belofte: ‘Zegen in overvloed over u uitgieten.’ Laat de kinderen enkele zegeningen noemen die onze hemelse Vader hun gegeven heeft. Noteer ze op het bord. Geef ieder kind een vel papier. Laat ze een zegening opschrijven of tekenen. Als ze daarmee klaar zijn, laat u ze hun vel papier in een bal rollen. Doe de ballen in een zak. Laat een priesterschapsleider zijn handen ophouden om de ballen op te vangen. Gooi ze uit de zak of tas in zijn handen en zie dat ze lang niet allemaal in zijn handen passen. Lees de belofte: ‘En zegen in overvloed over u uitgieten.’ Zorg ervoor dat de kinderen begrijpen dat als wij de wet van tiende naleven, onze hemelse Vader ons zoveel zegeningen geeft dat we niet voldoende ruimte zullen hebben om ze te ontvangen. Leg uit dat het tiendegeld ook voor de bouw van tempels wordt gebruikt.