De vreugde van de heiligen
    Footnotes
    Theme

    De vreugde van de heiligen

    We krijgen vreugde als we Christus’ geboden onderhouden, door Hem verdriet en zwakte overwinnen, en dienen zoals Hij diende.

    De profeet Enos in het Boek van Mormon, de kleinzoon van Lehi, beschrijft een heel bijzondere ervaring die eerder in zijn leven had plaatsgevonden. Toen hij alleen in het woud op jacht was, gingen de leringen van zijn vader, Jakob, in zijn hoofd om. Hij schrijft: ‘De woorden die ik mijn vader dikwijls had horen spreken aangaande het eeuwige leven en de vreugde van de heiligen drongen tot diep in mijn hart door.’1 Vanwege de geestelijke honger in zijn ziel knielde Enos in gebed, een opmerkelijk gebed dat de hele dag en tot in de avond duurde, een gebed dat hem cruciale openbaringen, verzekeringen en beloften bracht.

    Er valt veel van Enos’ ervaring te leren, maar wat mij vandaag vooral voor ogen staat, is dat Enos zich herinnert hoe zijn vader vaak over ‘de vreugde van de heiligen’ sprak.

    Drie jaar geleden sprak president Russell M. Nelson in deze conferentie over vreugde.2 Hij zei onder meer:

    ‘De vreugde die we voelen heeft weinig te maken met onze omstandigheden in het leven en alles met waar we ons in het leven op richten.

    ‘Als ons leven gericht is op Gods heilsplan […] en Jezus Christus en zijn evangelie, kunnen we vreugde voelen ongeacht wat er in ons leven gebeurt – of niet gebeurt. Vreugde komt van en door Hem. […] Voor heiligen der laatste dagen is Jezus Christus vreugde!’3

    Heiligen zijn zij die het evangelieverbond door de doop hebben gesloten en ernaar streven om Christus als zijn discipelen te volgen.4 Daarmee is ‘de vreugde van de heiligen’ dus de vreugde van het worden als Christus.

    Ik wil graag spreken over de vreugde die we krijgen als we zijn geboden onderhouden, de vreugde die we ontvangen als we dankzij Hem verdriet en zwakte overwinnen, en de vreugde die inherent is aan het dienen zoals Hij diende.

    De vreugde van het onderhouden van Christus’ geboden

    We leven in een hedonistisch tijdperk waarin velen vraagtekens zetten bij het belang van de geboden van de Heer of ze gewoon negeren. Maar al te vaak lijkt het of mensen die goddelijke richtlijnen, zoals de wet van kuisheid, de norm van eerlijkheid, en de heiligheid van de sabbat, naast zich neerleggen, het goed hebben en genieten van de goede dingen van het leven, soms zelfs meer dan zij die gehoorzaam proberen te zijn. Sommigen gaan zich afvragen of het al die moeite en offers waard is. De Israëlieten vanouds klaagden eens:

    ‘God dienen is nutteloos! Wat voor nut heeft het dat wij onze taak ten behoeve van Hem vervullen en dat wij in het zwart gaan voor het aangezicht van de Heere van de legermachten?

    ‘Welnu, wij prijzen de hoogmoedigen gelukkig: niet alleen worden zij die goddeloosheid doen, opgebouwd, zelfs als zij God beproeven, ontkomen zij.’5

    Wacht maar, zei de Heer, tot ‘de dag [dat zij Mij] een persoonlijk eigendom zijn. […] Dan zult u […] het onderscheid zien tussen een rechtvaardige en een goddeloze, tussen wie God dient en wie Hem niet dient.’6 De goddelozen kunnen wel ‘enige tijd vreugde in hun werken’ hebben, maar die is altijd tijdelijk.7 De vreugde van de heiligen blijft.

    God ziet dingen in hun ware perspectief, en Hij deelt dat perspectief met ons door zijn geboden, waarmee Hij ons met vaste hand langs de voetangels en klemmen van de sterfelijkheid naar eeuwige vreugde leidt. De profeet Joseph Smith heeft uitgelegd: ‘Zijn geboden aan ons moeten in het licht van de eeuwigheid worden gezien; want God beschouwt ons alsof wij in de eeuwigheid waren. God leeft in eeuwigheid en beziet de zaken niet zoals wij dat doen.’8

    Ik heb nog nooit iemand ontmoet die later in het leven het evangelie ontving en niet wenste dat hij of zij het eerder had ontvangen. ‘O,’ zeggen ze dan, ‘dan had ik slechte keuzes en fouten kunnen vermijden.’ De geboden van de Heer zijn onze gids naar betere keuzes en fijnere gevolgen. We mogen blij zijn en Hem danken dat Hij ons deze betere weg toont.

    Zuster Kamwanya

    Als tiener vastte en bad zuster Kalombo Rosette Kamwanya uit de Democratische Republiek Congo, nu op zending in het zendingsgebied Abidjan-West (Ivoorkust), om te weten in welke richting God haar wilde sturen. In een opmerkelijk nachtelijk visioen kreeg ze twee gebouwen te zien: een kerk en, dat beseft ze nu, een tempel. Ze ging op zoek en vond al snel de kerk die ze in haar droom had gezien. Op het bord stond: ‘De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen’. Zuster Kamwanya liet zich dopen, waarna haar moeder en zes broers volgden. Zuster Kamwanya zei: ‘Toen ik het evangelie ontving, voelde ik me als een vogel die uit zijn kooi was vrijgelaten. Mijn hart was vol vreugde. […] Ik wist zeker dat God van mij hield.’9

    Als we de geboden van de Heer onderhouden, voelen we zijn liefde makkelijker en vollediger. Het nauwe en smalle pad van de geboden voert direct naar de boom des levens. De boom en haar vrucht, het zoetst en ‘boven alles het begerenswaardigst’,10 zijn een zinnebeeld van de liefde van God en vervullen de ziel ‘met een buitengewoon grote vreugde’.11 De Heiland heeft gezegd:

    ‘Als u Mijn geboden in acht neemt, zult u in Mijn liefde blijven, zoals Ik de geboden van Mijn Vader in acht genomen heb en in Zijn liefde blijf.

    ‘Deze dingen heb Ik tot u gesproken, opdat Mijn blijdschap in u zal blijven en uw blijdschap volkomen zal worden.’12

    De vreugde van het overwinnen dankzij Christus

    Zelfs als wij getrouw de geboden onderhouden, kan onze vreugde door beproevingen en tragedies worden verstoord. Maar als we deze problemen met de hulp van de Heiland proberen te overwinnen, wordt de vreugde die we nu voelen en de vreugde waar we naar uitzien, veilig gesteld. Christus verzekerde zijn discipelen: ‘In de wereld zult u verdrukking hebben, maar heb goede moed: Ik heb de wereld overwonnen.’13 Als we ons tot Hem wenden, Hem gehoorzamen, en onszelf aan Hem binden, worden beproevingen en verdriet in vreugde veranderd. Ik zal u een voorbeeld geven.

    In 1989 was Jack Rushton president van de ring Irvine (Californië) in de Verenigde Staten. Toen hij met zijn gezin aan de Californische kust op vakantie was, was Jack aan het bodysurfen toen een golf hem tegen een onder water liggende rots aan smeet, waardoor zijn nek brak en zijn wervelkolom ernstig beschadigd werd. Later zei Jack: ‘Bij de klap wist ik direct dat ik verlamd was.’14 Hij kon niet meer praten of zelf ademen.15

    Familieleden en vrienden helpen de Rushtons

    Familie, vrienden en ringleden schoten broeder Rushton en zijn vrouw Jo Anne te hulp. Onder meer verbouwden zij een deel van hun huis om ruimte te maken voor Jacks rolstoel. Jo Anne werd de daaropvolgende 23 jaar Jacks belangrijkste verzorgster. Over het verslag in het Boek van Mormon waarin de Heer zijn volk in hun beproevingen nabij was en hun lasten licht maakte,16 zei Jo Anne: ‘Ik sta vaak versteld over hoe opgewekt ik me voel als ik voor mijn man zorg.’17

    Jack en Jo Anne Rushton

    Door een aanpassing aan zijn luchtwegen kon Jack weer praten, en binnen een jaar werd Jack als leerkracht evangelieleer en ringpatriarch geroepen. Als hij een patriarchale zegen gaf, legde een andere priesterschapsdrager de hand van broeder Rushton op het hoofd van de persoon die de zegen kreeg en ondersteunde tijdens de zegen zijn hand en arm. Op eerste kerstdag 2012, na 22 jaar toegewijd dienen, overleed Jack.

    Jack Rushton

    In een interview heeft Jack ooit opgemerkt: ‘Problemen krijgen we allemaal; die horen gewoon bij dit aardse leven. En sommige mensen denken dat godsdienst of geloof in God je tegen slechte dingen beschermt. Daar gaat het volgens mij niet om. Volgens mij gaat het erom dat als ons geloof sterk is, en er slechte dingen gebeuren, en die gebeuren, we ermee om kunnen gaan. […] Mijn geloof wankelde nooit, maar dat wil niet zeggen dat ik me niet terneergeslagen voelde. Ik denk dat dit de eerste keer in mijn leven was dat ik tot aan mijn grens geduwd werd, dat ik letterlijk nergens meer naartoe kon. Dus wendde ik mij tot de Heer. Tot op de dag van vandaag voel ik spontane vreugde.’18

    In deze tijd komen er soms genadeloze aanvallen, op sociale media of persoonlijk, tegen hen die de normen van de Heer in kleding, vermaak en seksuele reinheid hoog willen houden. Vaak zijn het de jongeren en jongvolwassenen onder de heiligen, en de vrouwen en moeders, die dit kruis van spot en vervolging dragen. Het is niet makkelijk om boven dergelijke beledigingen te staan, maar denk dan aan de woorden van Petrus: ‘Als u smaad wordt aangedaan om de naam van Christus, dan bent u zalig, want de Geest van de heerlijkheid en van God rust op u. Wat hen betreft wordt Hij wel gelasterd, maar wat u betreft wordt Hij verheerlijkt.’19

    In de hof van Eden waren Adam en Eva onschuldig. Zij waren ‘zonder vreugde, want zij kenden geen ellende’.20 Als toerekeningsvatbare wezens vinden we vreugde in het overwinnen van ellende in welke vorm dan ook, of dat nu zonde is, of beproeving, zwakte of welk ander obstakel voor geluk ook. Dit is de vreugde van het gevoel dat je vooruitgang maakt op het pad van discipelschap; de vreugde van ‘vergeving van […] zonden […] en gemoedsrust’;21 de vreugde die je voelt als je ziel zich verruimt en groeit door de genade van Christus.22

    De vreugde van dienen als Christus

    De Heiland is gelukkig als Hij onze onsterfelijkheid en ons eeuwige leven tot stand brengt.23 Over de verzoening van de Heiland heeft president Russell M. Nelson gezegd:

    ‘Zoals in alles is Jezus Christus ons ultieme voorbeeld, die “om de vreugde die Hem in het vooruitzicht was gesteld, het kruis verdragen” heeft [Hebreeën 12:2]. Denk daar eens over na! Om de meest verschrikkelijke ervaring te doorstaan die ooit op aarde is doorstaan, richtte onze Heiland Zich op vreugde!

    ‘En welke vreugde werd Hem in het vooruitzicht gesteld? Dat was zeker de vreugde dat Hij ons kon reinigen, genezen en sterken; de vreugde van boete doen voor de zonden van allen die zich zouden bekeren; de vreugde van onze terugkeer naar huis mogelijk maken om rein en waardig bij onze hemelse Ouders en familie te leven.’24

    De vreugde die ons ‘in het vooruitzicht’ wordt gesteld, is de vreugde dat we de Heiland bij zijn verlossingswerk helpen. Als het nageslacht en de kinderen van Abraham25 nemen wij deel aan het zegenen van alle families op deze aarde ‘met de zegeningen van het evangelie, die de zegeningen van het heil zijn, ja, van het eeuwige leven’.26

    Dat doet me aan deze woorden van Alma denken:

    ‘Dit is mijn roem: dat ik wellicht een werktuig in de handen van God mag zijn om de een of andere ziel tot bekering te brengen; en dat is mijn vreugde.

    ‘En zie, wanneer ik zie dat velen van mijn broeders werkelijk boetvaardig zijn en tot de Heer, hun God, komen, dan is mijn ziel met vreugde vervuld. […]

    ‘Maar ik verheug mij niet alleen in mijn eigen succes, integendeel, mijn vreugde is nog overvloediger wegens het succes van mijn broeders, die naar het land Nephi zijn geweest. […]

    ‘Welnu, wanneer ik denk aan het succes van dezen, mijn broeders, wordt mijn ziel in vervoering gebracht, en als het ware zelfs van het lichaam gescheiden, zo groot is mijn vreugde.’27

    De resultaten van ons dienstbetoon aan elkaar in de kerk maken deel uit van de vreugde die ons ‘in het vooruitzicht’ wordt gesteld. Zelfs als we ontmoedigd of gestrest zijn, kunnen we geduldig dienen. Maar dan moeten we ons richten op de vreugde die volgt als we God behagen en licht, verlichting en geluk aan zijn kinderen, onze broeders en zusters, brengen.

    Toen ouderling David en zuster Susan Bednar vorige maand in Haïti waren voor de inwijding van de Port-au-Princetempel, spraken zij met een jonge zuster die haar man een paar dagen daarvoor in een tragisch ongeluk had verloren. Samen huilden zij. Maar op zondag zat deze lieve vrouw op haar plek als deurwacht bij de inwijdingsdiensten met een warme, gastvrije glimlach voor iedereen die de tempel binnenkwam.

    Ik geloof dat de ultieme ‘vreugde van de heiligen’ komt door te weten dat de Heiland hun zaak bepleit,28 ‘en niemand kan zich de vreugde indenken die onze ziel [zal vervullen als] wij [Jezus] voor ons tot de Vader [horen] bidden’.29 Met president Russell M. Nelson getuig ik dat vreugde een geschenk is voor trouwe heiligen ‘die de kruisen van de wereld hebben verdragen’30 en die ‘zoals Jezus Christus onderwees, […] bewust proberen rechtschapen te leven’.31 Dat uw vreugde volledig mag zijn, bid ik in de naam van Jezus Christus. Amen.