2007
Mijn bekering tot het eeuwig huwelijk
September 2007


Mijn bekering tot het eeuwig huwelijk

Ik wilde trouwen, maar mijn onrealistische verwachtingen bezorgden me de ene datingramp na de andere.

Enkele jaren geleden besefte ik dat ik weliswaar een getuigenis van het evangelie in het algemeen had, maar dat er enkele beginselen waren waartoe ik nog niet volledig bekeerd was. Hoewel ik geen problemen had met bijvoorbeeld tiende of het woord van wijsheid, worstelde ik met het idee van een eeuwig huwelijk — míjn eeuwig huwelijk.

Een serie mislukkingen

Het was niet zo dat ik niet getrouwd wilde zijn; integendeel, ik was wanhopig om te trouwen — althans, dat hield ik mezelf voor. Ik had plaatselijke dates en enkele relaties op afstand. Ik had voortdurend dates, zo vaak zelfs dat ik het bijna moe werd. Maar ik werd uiterst deskundig in het identificeren van wat ik als ‘zwakke punten’ zag in ieder van de vrouwen met wie ik uitging. Ik rechtvaardigde het altijd dat we uit elkaar gingen, maar meestal pas nadat ik haar een jaar of twee aan het lijntje had gehouden. In de loop van de tijd had ik zoveel mislukkingen tot stand gebracht dat alleen al de gedachte aan een verkering me bijna verlamde.

Ik was op zending geweest. Ik ging geregeld naar de tempel, vastte en bad om de leiding van de Heer en was getrouw in het uitoefenen van mijn roepingen in de wijk. Ik had familie die mij veel steun bood. Ik sprak geregeld met mijn bisschoppen. Ik werkte zelfs een tijd met een uitstekende psycholoog samen die lid van de kerk was. Maar ik voelde me ellendig. Ik snapte maar niet hoe ik ooit kon trouwen.

Mensen die met me meevoelden, zeiden dat ik gewoon nog niet ‘de ware’ had ontmoet. Anderen zeiden tegen mij: ‘Je moet het gewoon dóen.’ Maar ik had te veel twijfels en onredelijke angsten om dat advies op te volgen.

Ik ging ervan uit dat er niets minder dan een wonder voor nodig was. Hoewel ik wist dat ik zelf verantwoordelijk was voor mijn leven en dat ik niet van een bisschop kon verwachten dat hij mijn problemen oploste, hoopte ik bij elke nieuwe bisschop dat hij mij zou kunnen helpen. Ze waren allemaal bezorgd en zeiden dat ik actief in de kerk moest blijven en mijn best moest blijven doen in mijn roepingen, en in al het andere.

Toen ik 45 jaar oud was, kregen we een nieuwe bisschap. Toen de naam van de nieuwe bisschop werd genoemd, zonk de moed me in de schoenen. De genoemde persoon was iemand met wie ik geen enkele band had. Ik was dom genoeg om te beslissen dat ik zou moeten wachten op de volgende nieuwe bisschop.

Een openhartig gesprek

Niet lang daarna was ik op een zondag op weg naar een priesterschapsvergadering toen deze bisschop mij vroeg of ik meteen voor een tempelaanbevelingsgesprek in zijn kantoortje kon komen. In zijn kantoortje begon ik mijn ingestudeerde zielige verhaal dat niets ging zoals ik het wilde. Dat elke vrouw met wie ik uit was geweest, de een of andere onverdraaglijke tekortkoming had. En dat het misschien niet eens de bedoeling was dat ik in dit leven zou trouwen.

De bisschop wees mijn klachten van de hand, keek me recht in de ogen en vroeg: ‘Wilt u trouwen of niet?’ Ik moest wel antwoorden dat ik eigenlijk dacht van wel, maar dat ik er niet zo zeker meer van was. Hij vervolgde: ‘Ik wil dat u naar huis gaat en besluit of u nu werkelijk wilt trouwen. Als het antwoord nee is, dan heb ik medelijden met u, maar dan kunt u ophouden met dating en uzelf een schuldgevoel aanpraten. Als het antwoord ja is, kom dan terug en dan gaan we aan de slag.’

Op dat moment kreeg ik het ontegenzeglijke gevoel dat ik wat aan zijn advies zou hebben.

Ik verliet zijn kantoor ernstig gestemd. Na de kerk ging ik naar huis en maakte een korte maar hevige innerlijke worsteling door, waarna ik tot de conclusie kwam dat het antwoord ja moest zijn. Ik wilde wél trouwen, en ik was bereid me te onderwerpen aan de raad van de bisschop, wat die raad ook was.

Die beslissing was het keerpunt in mijn streven naar een huwelijk. Tientallen jaren lang had ik mij er niet met volle overgave voor ingezet. Het huwelijk had voor mij eigenlijk geen hoge prioriteit gehad, ook al had ik voorgewend dat het wel zo was. Pas toen het mij uitkwam, schonk ik serieus aandacht aan het idee van een huwelijk, maar andere dingen kregen meestal voorrang, zoals mijn werk als concertmusicus en als universitair docent. Wat ik moest leren, was hoe ik met dezelfde toewijding naar het doel van een huwelijk kon toewerken.

Instructies van mijn bisschop

Toen ik om advies terugging naar mijn bisschop, sprak hij zo openhartig tegen mij als nog nooit iemand had gedaan. Hij had geen interesse in mijn eindeloze lijst met smoesjes. Hij zei gewoon: ‘Laten we eens kijken waar het misgaat — waar de relaties altijd op stuklopen voor u — en laten we dát dan oplossen.’ Eerst was ik een beetje geschrokken, maar ik vond zijn directe aanpak verfrissend. Ik wist dat ik hem kon vertrouwen. Er was wat energie en moed voor nodig om de cirkel te doorbreken, maar ik begon er meer vertrouwen in te krijgen dat ik het kon.

Zijn eerste aanwijzing aan mij was dat ik opnieuw op zoek moest naar een metgezellin die, zoals hij dat zei, blijk gaf van geloof, integriteit en inschikkelijkheid — blijvende deugden die echt belangrijk zijn — in plaats van enkele van de meer oppervlakkige kwaliteiten die ik belangrijk vond. (Ik had eigenlijk meer iemand in gedachten die blond was, een goede sopraanstem had en erg goed kon koken.) En hij gaf me de opdracht om haar, voor zover ik dat kon, lief te hebben zoals onze hemelse Vader ieder van ons liefheeft.

Mijn bisschop hielp mij ook ontdekken wat ik verkeerd deed in mijn streven naar een huwelijk. Ik gaf toe dat het niet lag aan de vrouwen met wie ik was uitgegaan, zoals ik zo lang had volgehouden. In plaats daarvan lag het aan mijn eigen foute denkwijze en onrealistische verwachtingen. Hij gaf me enkele nieuwe regels voor het daten.

Allereerst moest ik me voorbereiden op verandering. Ik was vastgeroest in mijn leefgewoontes. En hoewel ik in theorie wel wilde trouwen, had ik het idee dat het mijn routine zou verstoren. Ik zou sommige dingen anders moeten gaan doen. Ik had een en ander meer dan 25 jaar op mijn manier gedaan en had dezelfde fouten telkens weer herhaald, en dat had duidelijk niet gewerkt. Omdat ik al 45 was, moest ik inzien dat ik niet onbeperkt de tijd had om te daten.

Ten tweede ging het bij dating niet om vermaak, maar om het vinden van een metgezellin die ook serieus geïnteresseerd was in een huwelijk en die erop voorbereid was. Het moest een gelegenheid zijn om elkaar te leren kennen — niet alleen iemands persoonlijkheid, maar, belangrijker nog, haar geest.

Mijn bisschop leerde me ook dat ik binnen enkele dates zou weten of een vrouw de voornaamste eigenschappen bezat waar ik naar op zoek was. Had ze die niet, dan was het tijd om verder te kijken. Om mijn patroon van onproductief daten op de lange termijn te doorbreken, stelde de bisschop mij een schokkend ultimatum: Ik moest elke serieuze verkering afronden met een huwelijk of een afwijzing. Na een redelijke tijdperiode kon ik niet meer terug, tenzij de vrouw met wie ik uitging mij afwees. Vroeger was het mijn gewoonte geweest af te haken in plaats van me vast te leggen. Dit keer was terugtrekken, zoals ik al zo vaak had gedaan, niet toegestaan. Het was ongebruikelijk moedig van me dat ik instemde met de voorwaarden.

Wat ik leerde

Ik begon enkele dingen in te zien. Ten eerste besefte ik dat wat sommigen ‘de chemie van de liefde’ noemen, niet eerder komt dan na eerlijke, volwassen gesprekken, en niet daarvoor. Dat is een van de meest voorkomende vergissingen van mensen — dat ze alleen maar een relatie aangaan met iemand tot wie ze zich onmiddellijk lichamelijk aangetrokken voelen. Sommige alleenstaanden bespreken bovendien liever oppervlakkige onderwerpen dan zich te wagen aan ernstige gesprekken en moeilijke vragen. Die vragen vermijden ze, in de ijdele hoop dat als ze eenmaal de ‘ware liefde’ vinden, die problemen uit het echte leven wel zullen verdwijnen. Maar in feite is het precies andersom. Als je van het begin af aan eerlijk bent in je communicatie en leert antwoord te geven op de moeilijke vragen, dan ontwikkel je vertrouwen. Dat vertrouwen roeit de angst uit die meestal het gevolg is van koudwatervrees, gebrek aan toewijding en die uiteindelijk leidt tot een wankele relatie.

Maar het allerbelangrijkste wat ik leerde, was dat liefde niet alleen over mij ging. Het gaat voornamelijk over geven om een ander. Ik moest mij verootmoedigen en de arrogante houding opgeven die ik had gehad dat er misschien wel geen vrouw goed genoeg was voor mij.

Mijn ware bekering

Het zou leuk zijn als ik kon zeggen dat ik trouwde met de volgende vrouw die ik ontmoette. Maar ik ging kort met enkele vrouwen uit en de enige langere relatie die uit het daten voortkwam, kwam tot een eind toen zij mij uiteindelijk de bons gaf. Maar ik oefende geloof en hield mij aan de instructies van mijn bisschop, ook al behaalde ik niet onmiddellijk resultaat.

Het jaar nadat ik deze veranderingen in mijn houding en visie had aangebracht, nam ik nog eens contact op met een vrouw die ik al jaren kende. We waren zelfs al eens samen uit geweest, maar dit keer zag ik haar in een ander licht — als een eventuele eeuwige metgezellin die in alle opzichten mooi en heerlijk was, omdat ze blijvende kwaliteiten had (en nog vele extra). Ze was zo lief om mij een nieuwe kans te geven en nu is ze mijn vrouw en de moeder van onze lieve kinderen. Ik houd heel veel van haar. Tien jaar geleden had ik me zo’n voldoening niet in kunnen denken.

Hoe ben ik nou tot bekering gekomen? (En het was echt een bekering — een ommekeer in mijn leven.) Ik geloof dat de verandering tot stand kwam doordat een bisschop mij leerde hoezeer mijn hemelse Vader mij liefheeft en hoe graag Hij wil dat ik gelukkig ben en dat ik de zegeningen ontvang die Hij me al had beloofd. Mijn bisschop hielp me om de juiste prioriteiten te stellen, want ik had die niet goed op een rijtje. Hij sprak openhartig met mij en stond niet toe dat ik me liet afleiden door de smoesjes die ik al zo lang had gebruikt.

Nu weet ik hoe het voelt om je te bekeren. Ik heb met betrekking tot dit beginsel die grote verandering van hart doorgemaakt en het betekende voor mij een wereld van verschil. Ik kan het moment van bekering herleiden tot de dag dat mij in het kantoortje van mijn bisschop duidelijk werd gemaakt dat ik gezegend zou worden als ik zijn raad zou opvolgen.

En ik ben inderdaad gezegend.