Handboeken en roepingen
10. Aäronische-priesterschapsquorums
Voetnoten

Hide Footnotes

Thema

‘10. Aäronische-priesterschapsquorums’, Algemeen handboek: dienen in De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen (2020).

‘10. Aäronische-priesterschapsquorums’, Algemeen handboek.

10.

Aäronische-priesterschapsquorums

10.1

Doel en organisatie

Het Aäronisch priesterschap bereidt Gods kinderen mede voor op hun terugkeer naar zijn tegenwoordigheid. Het omvat de sleutels ‘van de bediening van engelen en van het evangelie van bekering en van de doop’ (Leer en Verbonden 13; zie ook 3.3.2).

10.1.1

Doel

Aäronische-priesterschapsquorums helpen jongemannen heilige verbonden te sluiten en na te komen, en hun bekering tot Jezus Christus en zijn evangelie te verdiepen.

Een quorum is een georganiseerde groep priesterschapsdragers. Het doel van een quorum is priesterschapsdragers in het werk van heil en verhoging te laten samenwerken. Aäronisch-priesterschapsdragers dienen in hun quorums anderen, vervullen priesterschapstaken, kweken eensgezindheid, verdiepen zich in leerstellingen en leven daarnaar.

10.1.2

Thema Aäronische-priesterschapsquorums

Het thema voor de Aäronische-priesterschapsquorums geeft iedere jongeman inzicht in zijn goddelijke identiteit en zijn doel als priesterschapsdrager. De jongemannen en hun leiders zeggen het thema aan het begin van hun quorumbijeenkomsten en bij andere samenkomsten van de quorums op. Het thema luidt als volgt:

‘Ik ben een geliefde zoon van God, en Hij heeft een werk voor mij te doen.

‘Met heel mijn hart, macht, verstand en kracht zal ik God liefhebben, mijn verbonden nakomen en zijn priesterschap gebruiken om anderen te dienen, te beginnen in mijn eigen gezin.

‘Door ernaar te streven om te dienen, geloof te oefenen, me te bekeren en elke dag vooruit te gaan, zal ik de zegeningen van de tempel en de blijvende vreugde van het evangelie ontvangen.

‘Ik zal mij voorbereiden om een toegewijde zendeling, trouwe echtgenoot en liefdevolle vader te worden door een ware discipel van Jezus Christus te zijn.

‘Ik zal meehelpen om de wereld voor te bereiden op de wederkomst van de Heiland door iedereen uit te nodigen tot Christus te komen en de zegeningen van zijn verzoening te ontvangen.’

10.1.3

Quorums

De bisschop organiseert Aäronisch-priesterschapsdragers als volgt in quorums. (Zie ook Leer en Verbonden 107:85–88.)

10.1.3.1

Diakenenquorum

Jongemannen treden vanaf januari van het jaar waarin ze 12 worden tot het diakenenquorum toe. Op dat moment komen ze ook in aanmerking om tot diaken te worden geordend als ze daar klaar voor zijn en naar het evangelie leven.

Een tot diaken geordend lid van het quorum fungeert als quorumpresident. Waar mogelijk werken één of twee raadgevers en een secretaris met hem samen. De raadgevers en secretaris moeten ook diaken zijn.

De taken van een diaken staan in Leer en Verbonden 20:57–59; 84:111 beschreven. Andere taken zijn het avondmaal ronddienen en de bisschop bijstaan in ‘het besturen van alle stoffelijke zaken’ (Leer en Verbonden 107:68).

10.1.3.2

Lerarenquorum

Jongemannen treden vanaf januari van het jaar waarin ze 14 worden tot het lerarenquorum toe. Op dat moment komen ze ook in aanmerking om tot leraar te worden geordend als ze daar klaar voor zijn en naar het evangelie leven.

Een tot leraar geordend lid van het quorum fungeert als quorumpresident. Waar mogelijk werken één of twee raadgevers en een secretaris met hem samen. De raadgevers en secretaris moeten ook leraar zijn.

Leraren hebben dezelfde taken als diakenen. Zij bereidden ook het avondmaal voor en zijn als dienende broeders werkzaam. Verdere taken staan in Leer en Verbonden 20:53–59; 84:111 beschreven.

10.1.3.3

Priestersquorum

Jongemannen treden vanaf januari van het jaar waarin ze 16 worden tot het priestersquorum toe. Op dat moment komen ze ook in aanmerking om tot priester te worden geordend als ze daar klaar voor zijn en naar het evangelie leven.

De bisschop is de president van het priestersquorum (zie Leer en Verbonden 107:87–88). Hij roept één of twee quorumleden als assistent. Daarnaast kan er een secretaris worden geroepen. De assistenten en secretaris moeten geordende priesters zijn.

Priesters hebben dezelfde taken als diakenen en leraren. Verdere taken staan in Leer en Verbonden 20:46–52, 73–79 beschreven.

10.1.4

Priesterschapssleutels

Elk quorum wordt geleid door een president die priesterschapssleutels draagt. De quorumpresident diakenen, quorumpresident leraren en bisschop dragen priesterschapssleutels. Zie 3.4.1 voor meer informatie over deze sleutels.

10.1.5

Quorums aan plaatselijke behoeften aanpassen

In een wijk of gemeente met weinig jongemannen kunnen de Aäronische-priesterschapsquorums de lessen en activiteiten gezamenlijk doen.

Als een wijk meer dan 12 diakenen heeft, mag de bisschop het diakenenquorum splitsen. Dat geldt ook als er meer dan 24 leraren zijn (zie Leer en Verbonden 107:85–86). De bisschop overweegt bij die beslissing het effect ervan op de quorumleden.

10.2

Aan het werk van heil en verhoging deelnemen

God nodigt iedereen uit om tot Christus te komen en als volgt aan zijn werk deel te nemen:

  • Het evangelie van Jezus Christus naleven.

  • Voor de behoeftigen zorgen.

  • Allen uitnodigen om het evangelie te ontvangen.

  • Gezinsleden voor eeuwig verenigen.

De bisschap en jonge quorumleiders overleggen met de hulp van adviseurs (zie 10.5) hoe ze dit werk kunnen verwezenlijken. Bestudeer hoofdstuk 1 voor meer informatie over het werk van heil en verhoging.

10.2.1

Het evangelie van Jezus Christus naleven

10.2.1.1

Rol van ouders en leidinggevenden

Ouders hebben de taak om hun kinderen in het evangelie te onderwijzen en ze ernaar te helpen leven (zie Leer en Verbonden 68:25–28). De bisschap en jonge quorumleiders steunen de ouders daar met de hulp van adviseurs als volgt bij:

  • Ze moedigen communicatie tussen de jongemannen en hun familie aan.

  • Ze zorgen ervoor dat jongerenactiviteiten de gezinnen tot steun en zegen zijn.

  • Ze helpen ouders bij de voorbereiding van hun zoons op priesterschapsordeningen en het Melchizedeks priesterschap.

  • Ze helpen ouders bij de voorbereiding van hun zoons op de tempelbegiftiging, een voltijdzending, een tempelhuwelijk en het vaderschap.

Leidinggevenden zijn alert op jongeren bij wie het thuis aan steun voor hun evangelische beleving ontbreekt.

Ouders en leidinggevenden streven ernaar om een goed voorbeeld voor de jongeren te zijn. Ze begeleiden jongeren in hun streven om meer op Jezus Christus te lijken. Het programma Kinderen en jongeren kan daarbij helpen (zie KinderenEnJongeren.KerkVanJezusChristus.org).

10.2.1.2

Evangeliestudie

De bisschap, jonge quorumleiders en adviseurs stimuleren de jongemannen en hun ouderlijk gezin om thuis het evangelie te leren. De leiders en adviseurs bestuderen het evangelie en vertellen de jongemannen wat ze hebben geleerd. Ze nodigen de quorumleden uit om in de kerk te vertellen wat ze thuis hebben geleerd.

Een Aäronische-priesterschapsquorum komt op zondag bijeen om geloof te versterken, eensgezindheid te kweken, leden individueel en als gezin te sterken, en plannen te maken om het werk van heil en verhoging te verwezenlijken. De bisschap en de jonge quorumleiders plannen met de hulp van adviseurs de zondagse bijeenkomsten.

Quorumbijeenkomsten vinden op de tweede en vierde zondag van de maand plaats. Ze duren vijftig minuten. Een lid van het quorumpresidium (of een assistent van de bisschop in het priestersquorum) heeft de leiding. Hij gaat het quorum voor in de thema-opzegging en de bespreking van taken, plichten en andere zaken.

Iemand uit het quorum of een volwassen leider geeft vervolgens een evangelieles. Quorumleiders overleggen met adviseurs wie er lesgeeft. In Kom dan en volg Mij – voor Aäronische-priesterschapsquorums en jongevrouwenklassen staan schema’s voor de bijeenkomsten (zie ComeFollowMe.ChurchofJesusChrist.org).

Elk Aäronische-priesterschapsquorum komt doorgaans apart bijeen (zie 10.1.5). De jongemannen en jongevrouwen kunnen op aanwijzing van de bisschap bij gelegenheid ook gezamenlijk voor een zondagse les bijeenkomen.

Jongemannen worden aangeraden aan het seminarie deel te nemen (zie 15.1).

10.2.1.3

Dienstbetoonprojecten en activiteiten

De bisschap en jonge quorumleiders plannen de dienstbetoonprojecten en activiteiten met de hulp van adviseurs. Die projecten en activiteiten dienen het werk van heil en verhoging te bevorderen. Ze moeten getuigenissen opbouwen, gezinnen sterken, de eensgezindheid binnen het quorum bevorderen en mogelijkheden bieden om anderen tot zegen te zijn. Ze moeten evenwichtig worden afgestemd op de vier groeigebieden: geestelijk, sociaal, lichamelijk en verstandelijk.

De meeste jongerenactiviteiten worden niet op zondag of op maandagavond gehouden. Ze vinden doorgaans elke week plaats. In sommige gebieden zijn wekelijkse activiteiten vanwege de afstand, veiligheid of andere factoren niet haalbaar. In die gebieden kunnen de activiteiten minder vaak plaatsvinden, maar doorgaans wel minstens één keer per maand.

De activiteiten kunnen met behulp van de Sample Service and Activity Planner op ChurchofJesusChrist.org ingepland worden.

Sommige dienstbetoonprojecten en activiteiten lenen zich goed voor jongemannen en jongevrouwen samen, vooral als ze wat ouder zijn.

Jongeren zijn vaak gebaat bij de omgang met anderen in grotere groepen. De jongeren van twee of meer wijken kunnen zo nu en dan bijeenkomen om gezamenlijk dienstbetoonprojecten en activiteiten te doen. Ringen of districten kunnen zo nu en dan ook dienstbetoonprojecten en activiteiten voor jongeren plannen.

Volwassen leidinggevenden zorgen ervoor dat activiteiten veilig zijn (zie safety.ChurchofJesusChrist.org; zie ook 20.6.20). Er zijn bij elke activiteit ten minste twee verantwoordelijke volwassen leidinggevenden aanwezig (zie 10.8.1).

Zie voor meer informatie AaronicPriesthoodQuorums.ChurchofJesusChrist.org.

Zie eventueel ook JustServe.org. Hier staan ideeën voor dienstbetoon en activiteiten.

Jaarlijkse activiteiten. Naast de reguliere jongerenactiviteiten kunnen de jongemannen elk jaar ook deelnemen aan:

  • Een bijeenkomst voor jongeren en hun ouders in het begin van het jaar. Die kan voor jongemannen en jongevrouwen afzonderlijk of samen worden gehouden. Zij kan op wijk- of ringniveau plaatsvinden. Zo’n bijeenkomst wordt gepland en geleid door de assistenten van de bisschop in het priestersquorum en het presidium van de oudste jongevrouwenklas. Jongemannen die in de loop van het jaar 12 worden, ontvangen hun verbondenheidsembleem in die bijeenkomst (zie 10.8.3). Zie voor meer informatie KinderenEnJongeren.KerkVanJezusChristus.org.

  • Een kamp voor Aäronische-priesterschapsquorums (zie Kampleidraad Aäronische-priesterschapsquorums). Jongemannen kunnen zo mogelijk gedurende het jaar aan meer kampen, evenementen en activiteiten met overnachting deelnemen.

  • Een jeugdconferentie op wijk- of ringniveau of een FSY-conferentie (voor de kracht van de jeugd) (zie FSY.ChurchofJesusChrist.org).

  • Ten minste één activiteit met nadruk op de normen in Voor de kracht van de jeugd. Deze activiteit leent zich goed voor jongemannen en jongevrouwen samen. Ouders kunnen ook uitgenodigd worden.

Leeftijdseisen. Jongemannen mogen met toestemming van hun ouders vanaf januari van het jaar waarin ze 12 worden aan AP-kampen met overnachting deelnemen. Vanaf januari van het jaar waarin ze 14 worden, mogen ze dansavonden, jeugdconferenties en FSY-conferenties bijwonen. Ze moeten echter tot hun 16e wachten met daten. (Zie Voor de kracht van de jeugd [2011], 4.)

Bekostiging van activiteiten. Activiteiten, inclusief materiaal, worden uit het budget van de wijk betaald. Reizen en kosten dienen binnen de perken te blijven.

Als de wijk niet voldoende geld heeft voor de bekostiging van meerdaagse activiteiten, zoals kampen, mogen leidinggevenden de deelnemers bij uitzondering om een bijdrage vragen. Een jongeman moet echter altijd kunnen deelnemen, ook als hij het niet zelf kan betalen. Als er nog meer geld nodig is, mag de bisschop toestemming geven voor één inzamelingsactie per jaar (zie 20.2.8).

De bisschap zorgt ervoor dat het budget en de activiteiten voor jongemannen en jongevrouwen toereikend, evenredig en billijk zijn. Het budget voor de Aäronische-priesterschapsquorums is gebaseerd op het aantal jongemannen in de wijk. Het budget voor de jongevrouwen is gebaseerd op het aantal jongevrouwen in de wijk.

Zie FSY.ChurchofJesusChrist.org voor informatie over de bekostiging van FSY-conferenties.

10.2.1.4

Persoonlijke ontwikkeling

Om meer op de Heiland te lijken, stellen jongeren doelen op geestelijk, sociaal, lichamelijk en verstandelijk vlak (zie Lukas 2:52). De jongeren ontdekken onder inspiratie zelf waar ze aan moeten werken. Met de hulp van hun ouders maken ze plannen, voeren die plannen uit en denken na over wat ze leren. Ook leidinggevenden en adviseurs bieden naar behoefte ruggensteun. Ze leggen de doelen of vooruitgang van de jongemannen echter niet vast. Ouders en leidinggevenden kunnen wel doelen voorstellen, maar laten de jongeren verder vrij om hun doelen zelf onder eigen inspiratie te kiezen.

De jongeren worden aangemoedigd elk jaar minimaal twee doelen in elk van de vier gebieden te bereiken. Ze kunnen Persoonlijke ontwikkeling: boekje voor jongeren of de app Gospel Living gebruiken om doelen te stellen en vast te leggen.

Zie voor meer informatie KinderenEnJongeren.KerkVanJezusChristus.org.

10.2.2

Voor de behoeftigen zorgen

Aäronisch-priesterschapsdragers staan de bisschop bij in ‘het besturen van alle stoffelijke zaken’ (Leer en Verbonden 107:68). Stel ze regelmatig in de gelegenheid om anderen in en met hun familie, tijdens jongerenactiviteiten en op eigen initiatief van dienst te zijn. Er staan ideeën voor dienstbetoon op KinderenEnJongeren.KerkVanJezusChristus.org. Waar beschikbaar kan

JustServe.org gebruikt worden om dienstbetoonprojecten te vinden.

10.2.2.1

Bediening

Bediening is voor anderen zorgen zoals de Heiland dat zou doen. Aäronisch-priesterschapsdragers krijgen een bedieningstaak vanaf januari van het jaar waarin ze 14 worden. Zie hoofdstuk 21 voor meer informatie.

10.2.3

Allen uitnodigen om het evangelie te ontvangen

Aäronisch-priesterschapsdragers hebben de plicht om ‘allen uit [te] nodigen om tot Christus te komen’ (Leer en Verbonden 20:59). Hieronder staan enkele manieren waarop ze dat kunnen doen:

  • Een goed voorbeeld als discipel van Jezus Christus zijn.

  • Hun getuigenis met vrienden en familieleden delen.

  • Minderactieve leden van hun quorum bedienen.

  • Vrienden voor de kerk of een jongerenactiviteit uitnodigen.

  • Vrienden uitnodigen voor het programma Kinderen en jongeren. Leidinggevenden werken nauw met de ouders van deze jongeren samen, zodat ze het programma begrijpen en kunnen bepalen hoe zij en hun kinderen erbij betrokken willen zijn.

  • Vrienden uitnodigen voor de zendelingenlessen.

Ouders en leidinggevenden moedigen de jongemannen aan om zich op een zending voor te bereiden en het evangelie hun hele leven uit te dragen. Hieronder staan enkele manieren waarop ze dat kunnen doen:

  • Stimuleer de jongemannen om een getuigenis te krijgen van het plan van geluk van onze hemelse Vader, de verzoening van Jezus Christus en de herstelling van zijn evangelie.

  • Leg de jongemannen de zegeningen en verwachtingen van een zending uit.

  • Zorg voor gelegenheden om in de kerk te dienen.

  • Geef ze de kans om in hun quorumvergaderingen en bij andere gelegenheden het evangelie te onderwijzen.

Als onderdeel van die voorbereiding organiseert de bisschap of het ringpresidium desgewenst een cursus voor toekomstige zendelingen. De belangrijkste leermiddelen voor deze cursus zijn de Schriften, Missionary Standards for Disciples of Jesus Christ en Predik mijn evangelie. De cursus wordt niet tijdens de reguliere bijeenkomsten op zondag gegeven.

Op Missionary.ChurchofJesusChrist.org staan nog meer leermiddelen waarmee jongemannen zich op een zending kunnen voorbereiden. Zie hoofdstuk 23 en 24 voor meer informatie.

10.2.4

Gezinsleden voor eeuwig verenigen

Aäronisch-priesterschapsdragers kunnen op vele manieren helpen om gezinnen voor eeuwig te verenigen. Hieronder staan er enkele:

  • Hun ouders eren en thuis het voorbeeld van een christelijke levenswandel geven.

  • Zich op een eigen eeuwig gezin voorbereiden.

  • Een tempelaanbeveling voor beperkte toegang waardig zijn.

  • Zich op de tempelverordeningen voorbereiden, waaronder het eeuwig huwelijk.

  • Zich in hun familie en voorouders verdiepen (zie

    Mijn familie: herinneringen die ons dichter tot elkaar brengen).

  • Voorouders zoeken voor wie tempelverordeningen verricht kunnen worden (zie

    FamilySearch.org).

  • Meedoen aan dopen en bevestigingen voor de doden zo vaak als de omstandigheden dat toelaten.

  • Aan indexering deelnemen (zie

    FamilySearch.org/indexing).

  • Als consulent tempelwerk en familiegeschiedenis fungeren, na daar door de bisschap voor geroepen te zijn (zie 25.4.4).

10.3

Bisschap

De bisschap is het presidium van de Aäronische priesterschap in de wijk (zie Leer en Verbonden 107:13–15). De leden van de bisschap geven leiding aan het werk van de Aäronische-priesterschapsquorums. De allereerste taak van de bisschop is voor de jongemannen en jongevrouwen in zijn wijk te zorgen. Hij kent ze bij naam en is van hun thuissituatie op de hoogte. Hij woont geregeld hun activiteiten en zondagse bijeenkomsten bij.

De bisschop is de president van het priestersquorum. Hij heeft de plicht om de ‘priesters te presideren, en in raadsvergadering met hen bijeen te komen, om hun de plichten van hun ambt te leren’ (Leer en Verbonden 107:87).

De eerste raadgever in de bisschap is verantwoordelijk voor het lerarenquorum. De tweede raadgever is verantwoordelijk voor het diakenenquorum.

Als een lid van de bisschap een quorumvergadering bijwoont, presideert hij die.

De leden van de bisschap doen bovendien het volgende voor de Aäronische-priesterschapsquorums:

  • Ze begeleiden de quorumpresidiums en de assistenten van de bisschop in het priestersquorum. Ze helpen ze hun taken als leider te begrijpen en te vervullen. De bisschap gebruikt daarvoor de Schriften en ‘Oriëntatie presidiums Aäronische-priesterschapsquorums en jongevrouwenklassen’ (zie AaronicPriesthoodQuorums.ChurchofJesusChrist.org). Ze kunnen ook hoofdstuk 4 in dit handboek gebruiken.

  • Ze voeren minstens twee keer per jaar een gesprek met elke jongeman (zie 31.1.7).

  • Ze houden toezicht op het onderwijs in de Aäronische-priesterschapsquorums.

  • Ze helpen jongemannen bij hun voorbereiding op het Melchizedeks priesterschap (zie 10.6).

  • Ze houden toezicht op de documenten, rapporten en financiën van de Aäronische-priesterschapsquorums.

Quorumadviseurs en -deskundigen bieden op verzoek hulp bij die taken (zie 10.5).

10.4

Jonge quorumleiders

10.4.1

Roepen, steun verlenen en aanstellen

De bisschop roept één of twee priesters als zijn assistent om het priestersquorum te leiden. Een lid van de bisschap kan ook een quorumsecretaris roepen.

Een lid van de bisschap roept de quorumpresidenten diakenen en leraren. Als er genoeg Aäronisch-priesterschapsdragers zijn die kunnen dienen, overwegen deze jongemannen onder gebed welke quorumleden ze als raadgevers en secretaris kunnen voordragen. De bisschap overweegt hun voorstellen en roept de betrokkenen.

Voordat hij een jongeman voor een van die taken roept, vraagt een lid van de bisschap daarvoor toestemming aan de ouders.

Na het roepingsgesprek stelt een lid van de bisschap de nieuwe jonge quorumleiders ter steunverlening voor in hun quorumvergadering. De bisschop stelt zijn assistenten en de quorumpresident diakenen en leraren aan. Hij verleent priesterschapssleutels aan de quorumpresidenten. Hij kan zijn raadgevers andere leden van een presidium en secretarissen laten aanstellen.

Een lid van de bisschap maakt die roepingen in de avondmaalsdienst bekend. Hij legt ze niet voor ter steunverlening.

10.4.2

Taken

De presidenten van de Aäronische-priesterschapsquorums, met inbegrip van de bisschop, hebben de volgende taken. Hun raadgevers, en de assistenten van de bisschop in het priestersquorum, staan ze in die taken bij.

  • Ze geven leiding aan het werk van heil en verhoging in het quorum (zie hoofdstuk 1).

  • Ze leren alle quorumleden kennen en dienen ze, ook wie de quorumvergaderingen niet bijwonen. Ze zijn op de hoogte van hun behoeften en omstandigheden.

  • Ze maken deel uit van de jongerenwijkraad (zie 10.4.4).

  • Ze onderwijzen de quorumleden in hun priesterschapstaken (zie Leer en Verbonden 107:85–88). Ze bieden ze steun bij de vervulling van die taken.

  • Ze plannen en leiden quorumvergaderingen (zie 10.2.1.2).

  • Ze plannen dienstbetoonprojecten en activiteiten voor het quorum en voeren die uit (zie 10.2.1.3).

Een eventuele quorumsecretaris stelt de agenda voor vergaderingen op en maakt aantekeningen. Hij helpt ook de wijkadministrateur, een quorumadviseur of een quorumdeskundige de presentielijst bij te houden.

Leden van de bisschap onderwijzen de jongemannen in hun taken (zie 10.3). Quorumadviseurs en -deskundigen bieden actief hulp (zie 10.5).

10.4.3

Vergadering van het quorumpresidium

Een AP-quorumpresidium vergadert geregeld. De quorumpresident leidt die vergaderingen. Er zijn ten minste twee volwassen aanwezig – een lid van de bisschap, een adviseur of een deskundige. De leiders overleggen met elkaar en zoeken naar openbaring om de wil van de Heer voor hun quorum te weten te komen. De volgende punten kunnen op de agenda staan:

  • Aan het werk van heil en verhoging deelnemen.

  • Quorumleden dienen, met bijzondere aandacht voor nieuwe quorumleden en het behouden van minderactieve leden.

  • Contact leggen met andersgelovigen.

  • Bijeenkomsten, dienstbetoon en activiteiten van het quorum plannen.

  • Instructie door quorumleiders of -adviseurs.

Een voorbeeldagenda presidiumvergadering staat op ChurchofJesusChrist.org.

10.4.4

Jongerenwijkraad

Het doel van de jongerenwijkraad is de jongeren helpen om anderen tot Jezus Christus te brengen en het werk van heil en verhoging te verwezenlijken.

De bisschop presideert de jongerenwijkraad. De leden van deze raad zijn:

  • De bisschap.

  • Eén van de assistenten van de bisschop in het priestersquorum, en de quorumpresidenten diakenen en leraren.

  • De klaspresidentes jongevrouwen (of het hele klaspresidium als de wijk maar één jongevrouwenklas heeft).

  • De jongevrouwenpresidente.

De jongerenwijkraad bespreekt hoe ze anderen hun getuigenis helpen ontwikkelen, heilsverordeningen ontvangen, verbonden nakomen en een volgeling van Jezus Christus worden (zie Moroni 6:4–5). Ze overleggen met elkaar over de behoeften van de jongemannen en jongevrouwen in de wijk. Ze bespreken eventueel activiteiten om aan die behoeften tegemoet te komen. De verdere uitwerking van activiteiten vindt echter in vergaderingen van de quorum- of klaspresidiums plaats.

Zie 29.2.9 voor meer informatie over de jongerenwijkraad.

10.5

Adviseurs en deskundigen

Een lid van de bisschap roept mannen als Aäronische-priesterschapsadviseur en stelt ze aan. Deze adviseurs steunen de bisschap in hun taken voor de Aäronische-priesterschapsquorums. Zij begeleiden de jongemannen, leren ze leiding door inspiratie te geven en helpen ze om meer op Jezus Christus te lijken.

De bisschap kan ook quorumdeskundigen roepen om de adviseurs bij te staan. In sommige gevallen wordt zo’n roeping beperkt tot een bepaald evenement, zoals een kamp, een jeugdconferentie of een sportactiviteit. Een deskundige kan ook voor een bepaalde taak geroepen worden, zoals de presentielijst bijhouden.

Er zijn bij elke quorumvergadering en -activiteit ten minste twee verantwoordelijke volwassen mannen aanwezig. De aanwezigheid van adviseurs en deskundigen maakt het mogelijk dat de leden van de bisschap ook lessen en activiteiten van de jongevrouwen en het jeugdwerk kunnen bezoeken. Adviseurs en deskundigen volgen de cursus op ProtectingChildren.ChurchofJesusChrist.org (zie 10.8.1).

10.6

Jongemannen op het Melchizedeks priesterschap voorbereiden

Een jongeman van 18 jaar of ouder komt voor het Melchizedeks priesterschap en ordening tot ouderling in aanmerking als hij daar klaar voor is en naar het evangelie leeft. Hij neemt die beslissing in overleg met zijn ouders en de bisschop.

Tegen de tijd dat hij 19 wordt of voordat hij uit huis gaat (bijvoorbeeld om te studeren of in militaire dienst te gaan), dient hij tot ouderling te zijn geordend als hij dat waardig is. Ook als hij op zijn 19e nog niet tot ouderling is geordend, is hij welkom in de bijeenkomsten van het ouderlingenquorum.

De verantwoordelijkheid om zoons op het Melchizedeks priesterschap voor te bereiden, berust hoofdzakelijk bij de ouders. De bisschap en quorumadviseurs laten Aäronisch-priesterschapsdragers daarnaast ervaringen opdoen voor een leven van dienstbaarheid als ouderling. De vervulling van Aäronische-priesterschapstaken is de beste voorbereiding op het Melchizedeks priesterschap.

Wie het Melchizedeks priesterschap ontvangen, streven naar begrip van:

Zie voor informatie over deze onderwerpen ‘Melchizedeks priesterschap’, ‘Priesterschap’ (Trouw aan het geloof, 109–110, 132–137) en ‘Women in the Church’ (Gospel Topics, topics.ChurchofJesusChrist.org).

Het quorumpresidium ouderlingen en de dienende broeders kunnen die instructie verzorgen. Dat kan bij de desbetreffende jongemannen thuis of klassikaal buiten de reguliere zondagsbijeenkomsten om.

10.7

Jongemannenleiders van de ring

Het ringpresidium wijst een hogeraadslid aan als jongemannenpresident van de ring. De hogeraadsleden toegewezen aan de jongevrouwen en het jeugdwerk kunnen als zijn raadgevers fungeren. Of, als een ring groot genoeg is, kan het ringpresidium andere Melchizedeks-priesterschapsdragers uit de ring als raadgever overwegen (zie 5.3.1).

De jongemannenpresident van de ring staat onder leiding van het ringpresidium. Hij, zijn raadgevers en de secretaris zijn lid van het APJV-comité van de ring (zie 29.3.9). Hij en zijn raadgevers onderwijzen bisschappen in hun taken voor de Aäronische-priesterschapsquorums.

Een broeder uit de ring kan als jongemannensecretaris van de ring worden geroepen.

Zie 5.4.2 en 5.4.4 voor meer informatie over de taken van het jongemannenpresidium van de ring en de secretaris.

10.8

Aanvullende beleidsregels en richtlijnen

10.8.1

Jongeren beschermen

Als volwassenen in de kerk met jongeren omgaan, dienen er minimaal twee verantwoordelijke volwassenen aanwezig te zijn. Het kan daarvoor nodig zijn om quorums samen bijeen te laten komen.

Alle volwassenen die met jongeren werken, moeten de cursus Kinderen en jongeren beschermen binnen een maand na hun aanstelling voltooien (zie ProtectingChildren.ChurchofJesusChrist.org). Ze herhalen de cursus daarna om de drie jaar.

Zie 21.3 voor informatie over die richtlijnen in verband met bedieningscollega’s.

10.8.2

Jongemannen met een handicap

Quorumleiders besteden extra aandacht aan jongemannen met een handicap.

Zie disability.ChurchofJesusChrist.org voor informatie over de hulp aan deze jongemannen.

10.8.3

Emblemen voor kinderen en jongeren

Jongemannen ontvangen emblemen als onderdeel van het programma Kinderen en jongeren. Wanneer een jongeman lid van zijn eerste Aäronische-priesterschapsquorum wordt, ontvangt hij een verbondenheidsembleem van zijn quorumleiders. Hij krijgt ook een exemplaar van Persoonlijke ontwikkeling: boekje voor jongeren. Een goed moment daarvoor is een welkomstgesprek met de quorumleiders. Een jaarlijkse bijeenkomst voor jongeren en hun ouders is een goed alternatief (zie 10.2.1.3).

In januari van het jaar waarin een jongeman 18 wordt, ontvangt hij nog een verbondenheidsembleem.

Jongemannen kunnen een prestatie-embleem verdienen door ernaar te streven om meer op de Heiland te lijken.

Zie KinderenEnJongeren.KerkVanJezusChristus.org voor meer informatie over emblemen.

10.8.4

Vastengaven inzamelen

Als een wijk een klein gebied bestrijkt, kan de bisschop Aäronisch-priesterschapsdragers opdragen om leden maandelijks te bezoeken en ze uit te nodigen om vastengaven bij te dragen. De bisschop overweegt daarbij het aantal beschikbare Aäronisch-priesterschapsdragers, hun veiligheid, en de meerwaarde voor leden die anders wellicht niets zouden bijdragen.

De vastengaven worden altijd door een koppel priesterschapsdragers ingezameld. Wie de vastengaven inzamelen, overhandigen die onmiddellijk aan een lid van de bisschap.

De leden geven geen andere bijdragen mee, zoals tiende of offergaven, aan wie de vastengaven komen ophalen.