2005
HET LERARENQUORUM
Februari 2005


HET LERARENQUORUM

Dit is het tweede van een reeks artikelen over priesterschapsquorums en hun doelen. De Presiderende Bisschap spreekt zich uit over lerarenquorums.

Hoe kan het quorum een jongeman geestelijk sterker maken, vooral gedurende de cruciale jaren in het lerarenquorum?

Bisschop H. David Burton (boven, middenin), presiderende bisschop: Het is van groot belang dat onze jongeren de kans krijgen om de Geest in de kerk te voelen. Denk u eens in wat het voor een jongeman betekent om met zijn leeftijdgenoten in een leslokaal, of waar ook, in nederig gebed neer te knielen. Dit gebruik kan een groot verschil maken voor jongemannen.

Bisschop Richard C. Edgley (links), eerste raadgever in de Presiderende Bisschap: En wat er gebeurt als ze neerknielen voor een quorumlid dat ziek is, is afgedwaald of problemen heeft. Dan ontstaat de broederschap die er onder de jongens hoort te bestaan. Op deze leeftijd hebben hun vrienden grote invloed op hun leven. We zien graag dat ze vrienden in het quorum hebben met wie ze geestelijke ervaringen hebben, aan wie ze steun hebben, en met wie ze een broederband kunnen opbouwen.

Bisschop Burton: Dat een quorumadviseur opbelt om te informeren naar het welzijn van het quorumlid is goed. Maar het is veel beter als zijn quorumpresident opbelt of langskomt.

Welke taken (zie LV 20:53–55) hebben jullie vroeger als leraar in de Aäronische priesterschap gekregen?

Bisschop Keith B. McMullin (rechts), tweede raadgever in de Presiderende Bisschap: Ik herinner me nog goed dat ik voor het eerst op huisonderwijs ging met een broeder uit Scandinavië die gebrekkig Engels sprak. Hij belde me op en ik moest mijn best doen om hem te kunnen volgen. Hij nodigde me bij hem thuis uit. Hij was al wat ouder, een goede heilige der laatste dagen, en mijn senior collega. Hij liet me binnen en zei met een zwaar accent: ‘Laten we een gebed hebben.’ We knielden neer en baden. In die tijd waren gezinsgebeden bij mijn ouders thuis alleen voor speciale gelegenheden — we hadden niet elke dag gezinsgebed. Mijn huisonderwijscollega stelde het gebed voor mij in een heel ander daglicht. Ik dacht bij mijzelf: huisonderwijs is echt belangrijk, en gebed is een belangrijk onderdeel van huisonderwijs. En natuurlijk leerde ik hoeveel gebed kan betekenen.

Bisschop Burton: Ik weet nog goed hoe bang ik was toen ik voor het eerst op huisonderwijs ging. Mijn collega was een minderactieve Melchizedeks-priesterschapsdrager, maar hij ging trouw op huisonderwijs. Als we bij de leden thuis kwamen, was deze stoere, nogal potig uitziende man de zachtmoedigheid en mildheid zelve, en hij stond er altijd op dat we met het gezin in gebed neerknielden. Hij was een goed mens, die mij — een jonge leraar — bijbracht hoe je huisonderwijzer moest zijn.

U hebt gezegd dat het belangrijk is dat jongeren de leiding in het quorum nemen. Wat voor rol speelt de volwassen leider in een quorum?

Bisschop Edgley: De bisschap vervult een belangrijke taak. Daar begint het mee. De raad die president Thomas S. Monson, eerste raadgever in het Eerste Presidium, heeft gegeven, spreekt mij aan. Hij zei: praat met je raadgever die verantwoordelijk is voor de diakenen en zeg hem dat hij ervoor zorgt dat iedere diaken leraar wordt. Praat ook met je raadgever die verantwoordelijk is voor de leraren en zeg hem dat hij ervoor zorgt dat iedere leraar priester wordt. En als bisschop zeg je: ‘Ik neem de priesters voor mijn rekening. Ik zorg ervoor dat alle priesters het Melchizedeks priesterschap ontvangen.’ Het werkt echt; het is eerder gedaan.

Met welke problemen heeft een leraar in deze tijd te maken, en hoe kunnen we ervoor zorgen dat ze stand houden?

Bisschop Edgley: Een jongen van deze leeftijd wil vrij zijn. Hij kijkt hoever zijn ouders daarin mee willen gaan; hij verkent zijn grenzen. Dat is een van de redenen dat het lerarenquorum erop dient toe te zien dat zijn vrijheden binnen de juiste vriendenkring en in het juiste milieu vallen.

Bisschop McMullin: Een jongeman in de leeftijd van 12 t/m 15 staat in zekere mate open voor invloeden van buitenaf. Jongelui van deze leeftijd zullen eerder geneigd zijn om over een patriarchale zegen na te denken; ze zullen eerder geneigd zijn om over het Boek van Mormon na te denken. Dit is een cruciale periode.

Bisschop Burton: Jong geleerd is oud gedaan. Als er in een gezin steevast gezinsavond wordt gehouden, aan schriftstudie wordt gedaan, en als er geregeld gezinsgebed wordt gehouden, dan is dat een groot voordeel. Ouders moeten al het mogelijke doen om daarin het goede voorbeeld te geven. Dat is de beste verzekeringspolis die ze kunnen hebben.