Zendingsroepingen
1. Jouw voltijdzending

1

Jouw voltijdzending

1.0

Inleiding

Je zending begon niet pas op de dag dat je werd aangesteld en eindigt niet op de dag dat je ontheven wordt. Een zending is geen werk- of schooluniform dat je ’s ochtends aantrekt en aan het einde van de dag weer uittrekt. Vanaf het moment dat je je hebt laten dopen, bewandel je het verbondspad dat naar eeuwig geluk, vreugde en gemoedsrust leidt. Je voltijdzending kan je veranderen, maar behoort ook een integraal onderdeel van je levenszending te zijn.

Vanuit een eeuwig perspectief gezien, is je voltijdzending meer dan een vakje dat je kunt afvinken. Het is een middel om je leven lang een discipel van Jezus Christus te worden.

De profeet Joseph Smith heeft over de zegeningen en voorrechten van onze keus om bij dit grote heilswerk betrokken te zijn gezegd: ‘Broeders [en zusters], zullen wij niet voorwaarts gaan in zo’n groot werk? Ga voorwaarts en niet achterwaarts! Houd moed, broeders [en zusters]; en op, op naar de overwinning! Laat uw hart zich verheugen en buitengewoon verblijd zijn’ (Leer en Verbonden 128:22).

Geniet van je zending door God en je naaste lief te hebben. Dit is een tijd om gelukkig te zijn en blijvende vreugde en gemoedsrust door Jezus Christus te ervaren.

1.1

Gehoorzaamheid

Ware discipelen van Jezus Christus zijn gehoorzaam. De Heiland heeft gezegd: ‘Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht’ (Johannes 14:15). De geboden onderhouden betekent dat je bereidwillig en getrouw doet wat de Heer vraagt omdat je van Hem houdt, en ook dat je dat doet ‘met blijdschap’ (Kolossenzen 1:11) en ‘met vreugde en in eenvoud van hart’ (Handelingen 2:46).

Jezus Christus is het voorbeeld van volmaakte getrouwheid. Hij deed alleen de wil van de Vader. Volg Hem door je best te doen om al zijn geboden te onderhouden en de zendingsnormen na te leven. Trouw en gehoorzaam zijn betekent ook dat je probeert te leren, te groeien en je te verbeteren; dat je je fouten snel corrigeert en verantwoordelijkheid voor je daden neemt.

Je zendingsleiders zullen je altijd helpen om de beginselen in dit handboek toe te passen.

Je zult het veiligst zijn als je de geboden en de zendingsnormen volgt en je gezond verstand gebruikt. Maar besef dat je, zelfs als je de geboden onderhoudt, met moeilijkheden, ziekte of letsel te maken kunt krijgen (zie Johannes 16:33). De Heiland heeft al die dingen ondervonden (zie Alma 7:11–12; Leer en Verbonden 122:8), en Hij belooft: ‘Ik zal u niet als wezen achterlaten; Ik kom weer naar u toe’ (Johannes 14:18).

God houdt van je. Kies ervoor om de geboden te onderhouden omdat je God liefhebt. Probeer geen deals met de Heer te sluiten en verwacht geen specifieke zegeningen door iets anders te doen dan wat er van je verwacht wordt. Wat er van jou wordt verwacht, is goedgekeurd door het Eerste Presidium en het Quorum der Twaalf Apostelen, en wordt in deze normen beschreven. Probeer bijvoorbeeld niet met de Heer te onderhandelen door eerder op te staan, eten of drinken over te slaan (naast het maandelijkse vasten), of een voorbereidingsdag over te slaan.

1.2

Levensnormen

God nodigt je uit om je je hele leven lang aan Hem toe te wijden. Zendingsnormen, zoals persoonlijke studie, doelen stellen en het rechtschapen gebruik van technologie, zullen je op je zending tot zegen zijn en je de rest van je leven helpen.

Laat je je hele leven lang leiden door de geboden in de Schriften, de beginselen in Predik mijn evangelie: handleiding voor zendingswerk en de zendingsnormen in dit boekje. Als je Gods geboden en normen naleeft, zal Hij je de rest van je leven sturen, zegenen en leiden.